|
Ton Valen, de ELO-knaller van Velp2
De vierde wedstrijd in de externe competitie, tegen ASV 10,
leverde gelukkig weer eens een overwinning op. Na twee verliesrondes mocht dat
wel weer eens. Vier remises en twee winstpartijen bezorgden ons de zege. En het
was Ton die voor een van die twee zorgde.
Vier partijen, vier overwinningen. Onopvallend maar
onverbiddelijk bond onze teamgenoot Ton ook afgelopen vrijdag de jonge
tegenstander aan zijn zegekar. Hij buitte het voordeel van twee stukken tegen
een toren uit en was als tweede klaar met zijn partij.
Bert was de eerste. Die bood in een licht voordelige
stelling na 20 zetten remise aan onder het mom: ik heb zwart en een zware
werkweek achter de rug. Dat zei hij natuurlijk niet tegen zijn opponent. Die
nam met een blik op zijn gedrongen stelling opgelucht het aanbod aan.
Aan de vier andere borden duurden de gevechten langer.
Arend leverde strijd op voor hem bekend, Spaans terrein.
Kwam in een voordelige positie, won een pion, maar moest na een
onnauwkeurigheid in het eindspel nog even zweten om tot remise te komen.
Jongkie zocht met zwart ook de Zuideuropese regio op:
Siciliaans, maar met een Hollands tintje: de Scheveninger variant. Met de lange
rokade van wit en de korte van zwart is
scherp spel over en weer onvermijdelijk. In dat krijgsgewoel verloor wit een
loper, maar trok even later in een onduidelijk combinatieoffer aan het langste
eind, waardoor het evenwicht werd hersteld.
Jan bewees weer eens zijn koelbloedigheid. Net als bij de
vorige wedstrijd in Apeldoorn zat hij tegenover een speler die hem meteen naar
de keel vloog. Ditmaal in een poging om door middel van een loperoffer een
dodelijke aanval over de h-lijn te verkrijgen. Toen Jan bekwaam riposteerde
volgde even later een torenoffer om eeuwig schaak af te dwingen. En ook daar
werd kalm op gereageerd, Jan gaf een loper terug en schoof daarna met een toren
meer de partij vakkundig uit.
Het langst was Walter bezig. Die maakte na een begin waarin
hij het initiatief had het zichzelf moeilijk door zwart de gelegenheid te geven
loper en dame op de diagonaal naar pion f2 te krijgen, waarachter de witte
koning enigszins verloren stond. Toen bleek dat die dreiging niet verzilverd
kon worden, meende zwart zich tevreden te kunnen stellen met het veroveren van
een pion. Dat pakte minder goed uit, wit profiteerde ervan door ten koste van
nog een pion een van de zwarte lopers te verschalken. Met een loper meer tegen
twee pionnen lag winst waarschijnlijk in een ver verschiet, maar vanwege de
reeds behaalde teamwinst en het late tijdstip, werd het remisevoorstel van zwart
aangenomen.
De Arnhemmers toonden zich sportieve verliezers. Een van de
spelers haalde herinneringen op aan de tijd dat we nog in het Lorentzhuis
speelden. Dat was nog eens een riant en ruim onderkomen zei hij, en het was er
lekker warm. Dat laatste naar aanleiding van een uitroep van Erika die aan een
van de belendende tafels intern speelde en niet na kon laten op de Siberische
omstandigheden in de speelruimte te wijzen.
Vanuit die belendende tafels werden door de spelers van het
eerste team al veelbetekenende blikken richting Ton Valen geworpen. Zal niet
gebeuren, wij laten hem niet gaan, zullen alles in het werk stellen om hem te
behouden, hem pakjes shag toeschuiven en zo.
1. Bert Jansen
- Jos Aarntzen 1/2 -1/2 2. Walter Manschot - Jonathan van der
Krogt 1/2- 1/2 3. Jan van Galen - Lion de Kok 1 - 0 4. Arend Compagnie - Jelle Noordhuis 1/2-1/2 5. Jongkie Tjhwa - Jan-Pieter Lourens 1/2-1/2 6. Ton Valen - Hugo van Essen 1 - 0
Walter Manschot
|